§ . Links . §

 

SIR ROBERT HOLMES  (1622 – 1692.)

 

Sir Robert HOLMES, was een Britse admiraal tijdens de Tweede en Derde Engelse Oorlog. Men zegt wel dat deze beide oorlogen door Holmes veroorzaakt werden. Maar al was hij dan niet de oorzaak, hij was wel de aanleiding voor het uitbreken van de vijandelijkheden.  

Hij wordt vooral bekend door het veroveren in 1664 van een aantal Nederlandse bezittingen t.b.v. van de V.O.C. en de W.I.C. langs de Guinese kust. (Zie de Ruyter’s West-Afrikaanse reis.) en het zogeheten “Holmes’ Bonfire” in 1666. Hij is een weinig diplomatieke en ruziezoekende kapitein, Ook Samuel Pepys had verscheidene malen ruzie met hem.  

Het is niet geheel duidelijk, wat hij met zijn tweede reis naar West-Afrika eigenlijk beoogde te bereiken. Engeland en Nederland verkeerden in een – gespannen – vrede, dus het veroveren en vernielen van Nederlandse bezittingen,(w.o. in  mei 1664 Fort Elmina.) die noodzakelijk waren voor het welslagen van de Oostindiëvaart was niet bevorderlijk voor het behoud van die vrede, Anderzijds wordt wel veronderstelt, dat de Duke of York, de latere Jacobus II, een spel speelde, teneinde zo’n oorlog uit te lokken. Terwijl Holmes later werd aangeklaagd omdat men een zondebok nodig had om de aandacht van de Duke of York af te halen.  

In augustus werd de Ruyter naar het gebied gezonden om de forten terug te veroveren, hetgeen meestal lukte (zie weer de West-Afrikaanse reis.)  Holmes werd tweemaal in de Tower gevangen gezet, omdat hij de Nederlanders niet tot een oorlog had moeten tarten, maar werd na het uitbreken van die oorlog niet alleen vrijgelaten, maar tot admiraal benoemd.

"Holmes' Bonfire"

Op 9 augustus 1666 overviel hij met branders, een groot aantal Oostindiëvaarders, die in de Vlie voor anker lagen en vernielde 150 schepen. Daarna liet hij zijn bemanningen plunderen en brandschatten in het dorp West-Terschelling. Was het innemen en vernielen van de koopvaardijschepen een toelasatbare oorlogsdaad, het beroven en brandscatten van onschuldige en weerloze burgerbevolkingv was  zelfs naar de maatstaven van de 17e eeuw, een oorlogsmisdaad. Nederlqnd reciproceerde met de Tocht naar Chatham echter zonder het lafhartige gedrag tegen de burgerbevolking:  

Zijn benoeming als admiraal over een sterk smaldeel had tot doel de Nederlanders tot een oorlog te provoceren. Op 13 maart 1672 viel hij de terugkerende Smyrnavloot aan. En veroverde 6 schepen, waarvan slechts één een waardevolle Smyrna koopvaarder. De schade aan zijn schepen was aanzienlijk en de hele operatie was alleen militair een – kostbaar – succes. Enkele dagen later werd de oorlog verklaard, maar bleek Holmes niet bij de benoemingen van admiralen in actieve dienst te behoren.  Hij liet niet meer van zich spreken en stierf in 1692 een natuurlijke dood.

 

Terug naar de vorige pagina