Michiel
de Ruyter in de kunst
Een studie over de diverse afbeeldingen die ooit van de Ruyter
vervaardigd werden.
Door: Dr. M.S. de Ruijter de Wildt en drs. L. de Ruijter de
Wildt-Verlinden
In
het zeventiende-eeuwse Nederland was de belangrijkste kunstvorm
ongetwijfeld de schilderkunst. Veruit
de meeste schilderijen zijn niet in opdracht gemaakt en waren
goedkoop, zodat veel mensen in staat waren er één te kopen. Schattingen
van het aantal schilderijen dat in de Gouden Eeuw gemaakt is lopen
uiteen van vijf tot tien miljoen. Het wekt dan ook geen verbazing dat
van een bekend en roemrucht persoon als Michiel de Ruyter vrij veel
portretten en prenten zijn gemaakt èn bewaard gebleven. Toen zijn
populariteit steeg ontstond zowel bij de overheden als bij de
bevolking een vraag naar afbeeldingen van hem. Deze hadden als doel de
Luitenant-Admirael-Generael te tonen, in al zijn autoriteit en
manhaftigheid, als persoon om trots op te zijn en als groot voorbeeld
voor allen. Zo zijn er
verschillende statieportretten van hem geschilderd, die vooral
spectaculair en niet zo zeer menselijk zijn. Daarnaast liet De Ruyter,
net als veel andere leden van de gegoede burgerij, een paar portretten
voor eigen gebruik schilderen. In de zestiende eeuw was het
laten schilderen van een portret nog alleen weggelegd voor de adel,
maar vanaf het eind van de zestiende eeuw lieten ook steeds meer
mensen uit de gegoede middenklasse zich portretteren. In de
zeventiende eeuw vormden zij één van de grootste groepen
opdrachtgevers. Zulk soort portretten waren vaak niet voor
publiekelijk vertoon bedoeld en moesten eenvoudigweg, als een soort
eigentijdse foto’s, de geportretteerde vereeuwigen. In deze
portretten werden natuurlijk wel dié eigenschappen benadrukt die de
geportretteerden het liefst in zichzelf zagen. Vaak werd op het
schilderij ook naar het beroep van de geportretteerde verwezen.
Michiel
de Ruyter is vijftien tot twintig keer naar het leven geportretteerd,
en vele malen zijn deze afbeeldingen gekopieerd, als schilderij of
gravure. Het precieze aantal van deze kopieën is niet bekend, maar
het moeten er vele tientallen of honderden zijn. Daarnaast zijn er
verschillende zeventiende-eeuwse originele schilderijen die Michiel de
Ruyter als onderwerp hebben, maar waarvoor zijn gelaat en/of zijn
houding van eerdere schilderijen is overgenomen. Naast deze
afbeeldingen van Michiel de Ruyter zelf, zijn er ook veel prenten,
etsen en schilderijen die gebeurtenissen uit zijn leven verbeelden,
zoals beroemde zeslagen, de verwonding die tot zijn dood leidde en
zijn lijkstatie op de Dam in Amsterdam.
Misschien
wel het bekendste portret van Michiel de Ruyter is dat van Ferdinand
Bol uit 1667
 |
Ferdinand
Bol schilderij 1667
Ned.
Scheepvrt Mus. Amsterdam; (1)
Mauritshuis, 's-Gravenhage;
Nat. Mar. Museum, Greenwich, U.K.
Westfries Museum, Hoorn |
Het
werd in opdracht van de Nederlandse admiraliteiten geschilderd naar
aanleiding van de Vierdaagse Zeeslag in 1666 die De Ruyter won.(al
claimen de Engelsen een gelijke uitkomst) In alle admiraliteitszalen
(Amsterdam, Rotterdam, Middelburg, Harlingen, Enkhuizen en Hoorn)
moest er één komen te hangen, zodat er zes exemplaren van
geschilderd zijn. De exemplaren die zich, voor zover bekend, nog
steeds in Nederland bevinden hangen in het Scheepvaartmuseum in
Amsterdam, het Mauritshuis in Den Haag en het Westfries museum in
Hoorn. Dit portret is vele malen gekopieerd en bovendien heeft
Ferdinand Bol zelf, of iemand uit zijn atelier, nog vijf andere
statieportretten van De Ruyter geschilderd. Het hier getoonde portret
is een typisch statieportret dat De Ruyter als ‘schrik der zee’
toont. Zo draagt hij een officiersjas, stalen halsberg, sabel en
ordetekenen, houdt hij een commandostaf vast en is hij omgeven door
attributen die op zeevaart en faam wijzen. Over de jas heen draagt hij
een riem waaraan een sabel hangt. De wereldbol is een teken van
navigatie, zijn wereldwijde werkterrein en faam, de zeekaart (met
daarop zijn geboorteprovincie Zeeland) en de passers horen bij de
zeevaart en de draperie is een teken van gezag. De uitstraling van
macht wordt versterkt door het lage gezichtspunt van waaruit hij
geschilderd is. Op de achtergrond zien we zijn vlaggenschip de Zeven
Provinciën, dat vermoedelijk geschilderd is door de bekende
zeeschilder Willem van de Velde de Jongere.
Net
als veel andere zeventiende-eeuwse portretten volgt het schilderij een
bepaalde opbouw. De personen zijn
meestal voor drie kwart in `ware grootte` afgebeeld. De personen
hebben een minimale gezichtsuitdrukking, en soms licht geïdealiseerde
gezichten waarbij de geportretteerde de toeschouwer kalm aankijkt. Op
deze manier wilden de afgebeelde personen zo min mogelijk emoties
laten zien en zo voldoen aan het ideaal van tranquillitas. Bij
de mannen gold in ieder geval dat diegene die zijn emoties onder
controle had ook de capaciteit had, om over anderen te beslissen. De
mannen hebben op elegante wijze een arm in de zij met de hand naar
buiten gedraaid, het lichaam naar voren gedraaid, evenals het gezicht.
Een
van de vele kopieën die van dit schilderij gemaakt zijn is die van
Hendrik Bary
 |
Gravure
door Hendrik de Bary 1673.
naar het schilderij van F. Bol. |
De
prent toont dezelfde admiraal, maar nu met een kanonsloop aan zijn zij
en omgeven door een stralenkrans. Omdat het portret van Ferdinand Bol
het ideaalbeeld van een stoere admiraal moest weergeven, is het
onwaarschijnlijk dat het De Ruyter toont zoals hij er uitzag. De
kunsthistoricus Max Friedländer heeft het zo geformuleerd: “Wie een
veldheer moet portretteren brengt zijn voorstellingen over de
eigenschappen van het beroep mee en stelt in deze veldheer de
veldheer des te vastbeslotener voor, naarmate eerbetuiging en
onderscheiding gewenst zijn.” Het lijkt dan ook niet verwonderlijk
dat een telg uit het beroemde Florentijnse geslacht De Medici, prins
Cosimo, op zijn reis door de Republiek, in zijn dagboek schrijft dat
hij geen portret van De Ruyter kon vinden dat geleek. Ferninand Bol
was een verdienstelijk, maar geen geniaal schilder en had niet het
vermogen van een genie als Rembrandt om het gewenste representatieve
met het individueel menselijke te verenigen. Dit blijkt onder andere
uit de slappe rechterhand, die nauwelijks die van een vastberaden
admiraal kan zijn.
Michiel
de Ruyter’s eerste biograaf, dominee Gerard Brandt, omschreef hem
als een forse man met bruin haar, donkere scherpe ogen en smalle
handen. Volgens zijn tijdgenoten was de admiraal vastberaden en
moedig, maar ook nederig, bescheiden en vol vertrouwen in God. Die
vastberadenheid en moed komen natuurlijk als vanzelfsprekend terug in
alle statieportretten, maar zijn nederigheid en eenvoud hebben zich
minder makkelijk laten vereeuwigen. Voor het eerst werd De Ruyter na
de Eerste Engelse Oorlog afgebeeld, toen hij al enige bekendheid
genoot maar nog niet “der Staten Rechterhand” was. De gravure werd
vervaqardigd door Michiel Mouzijn, in 1659, naar een prent door Gerbrand van den Eeckhout, uit 1654,
Mouzijn voegde aan het oorspronkelijke portret de medaille toe, die de
Ruyter in 1659 van de Deense Koning kreeg.
 |
door Michiel Mouzijn,
1659.
naar een prent door
M.
Mouzijn, naar Gerbrand
van den Eeckhout.
|
stamt
uit deze tijd en toont de admiraal zonder de verhevenheid die veel
latere portretten kenmerkt: hij is hier volks en eenvoudig afbeeld,
omdat het nog niet nodig was hem manhaftig voor te stellen. In latere
portretten zien we geleidelijk aan een verschuiving naar meer
autoriteit en representativiteit en minder eenvoud en persoonlijkheid.
Dit is goed te zien in het werk van de schilder Hendrick Berckman, die
vijf portretten van De Ruyter maakte. Op het eerste portret, dat
Berckman in 1655 schilderde en waarvan hier een eigentijdse kopie
getoond wordt,
 |
Hendrick
Berckman 1655
Zeeuws
Maritiem MuZEEum Vlissingen. |
staat
de admiraal al wat minder eenvoudig afgebeeld, maar hier heeft hij nog
een eenvoudige haardracht en een wat onwennige uitdrukking op zijn
gezicht; door zijn bescheidenheid laat hij zich moeilijk op een
elegante manier vereeuwigen. Het schilderij van Hendrick Berckman uit
1664
 |
Hendrick
Berckman 1664
National
Maritime Museum Greenwinch |
is
al weer formeler en toont ons een strenge admiraal met lang haar, net
als op de latere statieportretten. We zien hem afgebeeld met tekenen
van militaire macht en succes, zoals eretekenen, oorlogsschepen en het
wapen dat hem door de Deense koning verleend werd.
 |
| Jurriaen
Jacobson schilderij (familieportret) 1667 Rijksmuseum,
Amsterdam
|
een
familieportret waarvoor alle gezinsleden gekopieerd werden van eerdere
schilderijen. Michiel de Ruyter zelf werd hier geportretteerd naar het
schilderij van Berkman uit 1664. Het toont de admiraal als een
belangrijk en goed gekleed man, terwijl hij thuis gewoon was zijn
eenvoudige kapiteinskleren te dragen. Michiel de Ruyter gaf zelf de
opdracht voor dit schilderij en moet zich dus bewust zijn geweest van
de noodzaak van het representatieve. Dat het ordeteken van St. Michel,
een geschenk van Lodewijk XIV er een later jaar (1666) bijgeschilderd
is duidt hier ook op.
Toen
werd het stil rond de galerij met schilderingen van de Ruyter. In
latere eeuwen werden nog wel nieuwe afbeeldingen vervaardigd, maar die
waren deels kopieën van (gedeelten) van bestaande schilderijen, deels
van mindere bekendheid. Tot in 2000, de bekende portretschilder Nick
Oudshoorn in een serie "Erflaters & Hollandse Helden"
een eigentijds, portret van de Ruyter maakte. Het is een
monochromatisch schilderij in acryl, waarvan een beperkt aantal
zeefdrukken is afgeleid en dat - in afwachting van een definitieve
plaats, met de andere schilderijen uit de reeks, een tournee maakt
langs de diverse musea in Nederland. Het toont slechts het centrale
deel van zijn gezicht, maar heeft daardoor een sterk suggestieve
werking. Er blijkt grootheid, gezag en karakter uit de oogopslag. Op
het schilderij is een tekst van een persoonlijk door hem geschreven en
ondertekende brief aan
zijn kapiteins opgenomen (zie de tekst van deze
brief). Dit schilderij
is zeker waard een verdiende plaats te krijgen in de reeks grote en
bekende schilderijen die hiervoor behandeld werden, en toont aan dat
een man als de Ruyter een tijdloze positie veroverde in de Nederlandse
geschiedenis.
 |
Nick
Oudshoorn, Schilderij in Acryl, 2000 Serie
"Erflaters
& Hollandse helden." |
De laatste
afbeelding die van Michiel de Ruyter gemaakt werd, was geen schilderij
of gravure, maar een dodenmasker
 |
Rombout
Verhulst
voorstudie voor het praalgraf 1681
Nieuwe Kerk, Amsterdam |
dat een voorstudie was voor het grafmonument in de Nieuwe Kerk
in Amsterdam. Dit dodenmasker weerspiegelt het gezicht van de
overleden admiraal en is daarmee geen momentopname van een bepaalde
actualiteit, maar toont ons De Ruyter’s ongeveinsde eigenschappen:
onvoorwaardelijke discipline en onwankelbaar Godsvertrouwen. En zo
lijkt het er dus op dat de meest gelijkende beeltenissen van de
admiraal aan het begin en aan het eind van zijn carrière gemaakt
zijn.
Kleding.
De
ontwikkeling van alledaags naar representatief is ook te zien in de
kleding die op de verschillende portretten gedragen wordt. Op de
gravure van Eeckhout is Michiel de Ruyter staande en in zijn geheel
afgebeeld. Hij gaat hier gekleed in een wambuis met een verhoogde
taille en vrij lange aangezette schootpanden (die in de loop van de
17de eeuw langer werden zoals op latere schilderijen te zien is.). De
wambuis sluit met een knoopsluiting. Nog net zichtbaar is de pofbroek
die hij eronder draagt. Daarbij draagt hij een kleine eenvoudige
linnen kraag.
Geheel
anders is de kleding op latere portretten zoals op het vroege
schilderij van Berckman. Michiel de Ruyter draagt een lange jas, de
zogenaamde officiersjas of ‘rock’, gemaakt van een zwaardere
donkere stof, afgezet met zilverkleurige knopen aan de mouwen en aan
de voorkant. Vanaf het midden van zijn jas zijn de knopen open, en er
over heen draagt hij een eenvoudige vierkante kraag van linnen die van
voren gesloten is met akertjes. Onder de officiersjas is bij de mouwen
en aan de voorkant nog net iets te zien van een wambuis. Deze werd
meestal van een meer luxueuzere stof zoals zijde gemaakt.
Op
het portret geschilderd door Ferdinand Bol is Michiel de Michiel de
Ruyter veel rijker gekleed dan in eerdere portretten. De kleding heeft
meer weg van een galakostuum dan van praktische werkkleding. Om zijn
hals draagt hij een witte das die is samengebonden door een witte
strik. Ook hier draagt hij een officiersjas, maar deze is hier veel
modieuzer en rijker gedecoreerd dan op het schilderij van Berckman. De
jas heeft grote zakken aan de zijkanten en mouwen die drie kwart lang
zijn. Zowel op de mouwen als aan de voorzijde is de jas versierd met
goudkleurige knopen, die hier meer decoratief dan functioneel lijken
te zijn. De jas wordt vrijwel helemaal open gedragen en alleen ter
hoogte van het middel bij elkaar gehouden door een rijk gedecoreerde
riem. Hierdoor is de onder de jas gedragen kleding goed te zien. Deze
bestaat uit een zeer weelderig gedecoreerde wambuis met een verhoogde
taille en lang aangezette schootpanden en daaronder een bijpassende
kniebroek. De mouwen lopen uit in brede stijve manchetten die onder de
mouwen van de ‘rock’ uitkomen. De mouwen van het witte hemd dat
hij draagt steken nog eens onder de wambuis uit. Om zijn middel draagt
hij een oranje band met lange goudkleurige franjes. Hoe hij een
soortgelijk kostuum verder draagt is goed te zien op het
familieportret geschilderd door Jacobson. De wambuis loopt bijna tot
aan de knieën en eronder draagt hij een bijpassende kniebroek. Zijn
benen zijn bedekt met witte (zijden?) kousen die worden opgehouden
door zwarte kniebanden.
Voorlopige
lijst van kunstwerken
(gezien
hun grote aantal zijn alle kopieën, waaronder schilderijen, gravures
en etsen, weggelaten; alle werken zijn portretten tenzij anders
aangegeven).
|
Kunstenaar
|
Soort
Werk
|
jaar
|
Locatie
|
|
Gerbrand
van den Eeckhout
|
gravure
naar het leven
|
1654
|
Scheepvaartmuseum,
Amsterdam
|
|
Hendrik
Udemans
|
prent
|
1654
|
Museum
Boymans-van Beuningen, Rotterdam
|
|
Hendrick
Berckman
|
schilderij
|
1655
|
National
Maritime Museum
Greenwich Verenigd Koninkrijk
|
|
Karel
van Mander
|
schilderij
|
1656
|
Stedelijk
Museum Vlissingen
|
|
Hendrick
Berckman
|
schilderij
|
1660
|
Stedelijk
Museum Vlissingen
|
|
Jurriaen
Jacobson
|
schilderij
(familieportret)
|
1662
|
Rijksmuseum,
Amsterdam
|
|
Hendrick
Berckman
|
schilderij
|
1664
|
Zeeuws
maritiem MuZEEum Vlissingen.
|
|
Willem
Eversdijk
|
schilderij
(groepsportret van admiraal de Ruyter met enige vlootvoogden en
magistraatspersonen (allegorie op de haringvisserij) )
|
1666
|
Maritiem
Museum Rotterdam
|
|
Ferdinand
Bol
|
schilderij
|
1667
|
o.a.
Nederlands ScheepvaartMuseum, Amsterdam; Mauritshuis,
‘s-Gravenhage; National Maritime Museum, Greenwich, Verenigd
Koninkrijk; Westfries Museum, Hoorn
|
|
Ferdinand
Bol
|
schilderij
|
1667
|
Nederlands
ScheepvaartMuseum, Amsterdam
|
|
Ferdinand
Bol
|
schilderij
|
1667
/ 1668
|
Statens
Museum for Kunst, Kopenhagen, Denemarken
|
|
Hendrick
Berckman
|
schilderij
|
1668
|
Collectie
mevr. Elias-Vos, Amsterdam
|
|
Karel
Dujardin
|
schilderij
|
1669
|
Scheepvaartmuseum,
Amsterdam
|
|
Caspar
Netscher
|
tekening
op ivoor
|
1673
|
Rijksprentenkabinet,
Amsterdam
|
|
Hendrick
Berckman
|
schilderij
|
1675
|
Rijksdienst
Beeldende Kunst
|
|
Rombout
Verhulst
|
terracotta
kop
|
1677
|
Rijksmuseum,
Amsterdam
|
|
Rombout
Verhulst
|
beeldhouwwerk
op praalgraf
|
1681
|
Nieuwe
Kerk, Amsterdam
|
|
Govert
Flinck
|
schilderij
|
1650-1676
|
|
|
Hendrik
Breukelaar (1802-1839)
|
schilderij
(Van Speyk bij het graf van Michiel De Ruyter)
|
1832
|
Amsterdams
Historisch Museum
|
|
|
standbeeld
|
1841
|
Vlissingen
|
| N.
Pieneman |
schilderij
(De Ruyter, gewond op het scheepsdek) |
19e
eeuw |
Zeeuws
Maritiem MuZEEum Vlissingen. |
|
|
|
|
Bronvermelding
-
Aartsma, N., Michiel de Ruyter, Holle & Co., ‘s
Gravenhage, 1942.
Algemeen Handelsblad d.d. 22 maart 1957.
-
Baard, H. P., lezing, 1972.
-
Blankert, A., Ferdinand Bol Rembrandt's Pupil, Davaco
Uitgevers, Doornspijk, 1982.
-
Blom, A. van der, E. Kurpershoek en C. Thunnissen,
Nederlandse schilderkunst. Tussen
detail en
grandeur, Atrium, 1997.
-
Frabits,W.,
Looking at Seventheenth-Century Dutch Art.
Cambridge
University
Press,
Cambridge
, 1997.
-
Prud’homme van Reine, R., Rechterhand van Nederland.
Biografie van Michiel Adriaenszoon
de Ruyter, De Arbeiderspers, Amsterdam/Antwerpen, 1996.
-
Westermann,
M., The art of the
Dutch
Republic
1585 - 1718,
Calmann and King, Londen,
1996.
Belangrijkste
geraadpleegde internetsites:
-
Rijksmuseum, Amsterdam (www.rijksmuseum.nl).
-
Mauritshuis, Den Haag (www.mauritshuis.nl).
-
Collectie zoeksysteem van de maritieme musea (www.maritiemdigitaal.nl).
-
National Maritime Museum, Greenwich, Verenigd Koninkrijk
( www.nmm.ac.uk).
Terug
naar de vorige pagina.
|